History

Geschiedenis van de Waterschappen

waterschappen

Eens per vier jaar gaan wij als Nederlanders naar de stembus voor de Provinciale Statenverkiezingen, én de Waterschapsverkiezingen. De Waterschappen zijn voor veel mensen niet heel bekend, maar toch heel belangrijk. In dit deel van de geschiedenis van Nederland vertel ik wat meer over de geschiedenis van de Waterschappen, en wat ze precies zijn.

Land uit water

De Grote Ontginning is de periode waarin het Hollandse landschap (dus de huidige provincies Noord- en Zuid-Holland, en Utrecht) vormgegeven werd. Ontginnen betekent ‘land bruikbaar maken voor landbouw’. Vanaf de 10e eeuw werd land gewonnen uit water door middel van dijken, gemalen, sluizen en molens. Dit proces werd begonnen uit een behoeft aan nieuw land om landbouw op te kunnen beoefenen. De Grote Ontginning was de basis van het Nederlandse polderlandschap zoals wij het nu nog steeds kennen. Nadat een gebied was ontgonnen moest het natuurlijk drooggehouden worden. Om ervoor te zorgen dat de dijken, molens en gemalen goed beheerd werden ontstonden er zogenaamde polderbesturen.

Hoogheemraadschap Rijnland

In het Rijnland (gebied rondom de Oude Rijn, en de Sticht) ontstond er in vraag naar andere afwateringsmogelijkheden (manieren om water naar de zee te leiden). Dit was omdat de uitmonding van de Rijn bij Katwijk was dichtgeslibd. Het dichtslibben van de Rijn zorgde voor overstromingen in het gebied, omdat het water vaak buiten zijn oevers trad. Om een nieuw kanaal te graven om de Rijn weer uit te laten monden in zee moesten zij door verschillende polders heen, en dus door het gebied van verschillende polderbesturen. Hierdoor gingen de verschillende polderbesturen samenwerken. Hoogheemraadschap Rijnland was geboren. Dit waterschap bestaat tegenwoordig nog steeds, onder andere Haarlem en Leiden vallen hieronder.Twee molens en een sluis

Binnendijkers en Buitendijkers

Een ander waterschap in Nederland is Wetterskip Fryslân. Ook dit waterschap heeft een middeleeuwse oorsprong. In Friesland ontstonden in de middeleeuwen verschillende soorten waterbeheer besturen. Je had de dijkbesturen, maar ook de veenpolder-besturen. Een van deze dijkbesturen was ‘Contributie der vijfdeelenzeedijken’. mensen maakten een onderscheid tussen Binnendijkers en Buitendijkers bij dijken. Men had de buitenste dijk, dit was de zeewerende dijk. Binnen de buitendijk lag nog een binnendijk. Deze fungeerde als een tweede beschermring voor als de buitenste dijk zou doorbreken. De mensen die tussen de buiten- en binnendijk inwoonden noemde men de Buitendijkers. En de mensen die dus in de binnenste dijk woonden waren dus de Binnendijkers.

In het waterschap ‘Contributie der Vijfdeelenzeedijken’ ontstond er een conflict tussen de binnen- en Buitendijkers. De Buitendijkers moesten een veel hoger bedrag betalen voor het onderhoud van de buitendijk, dan de Binnendijkers. Dit terwijl zij allebei profijt hadden van de buitendijk. Doordat de Binnendijkers niet wilden bijdragen aan het onderhoud van de buitendijk raakte deze in verval. Dit geschil bleef doorspelen tot de Allerheiligenvloed van 1570. Doordat de staat geen financiële steun kon bieden om de vloedschade te herstellen begonnen de Binnendijkers zelf met herstel van hun dijk. Dit zorgde ervoor dat zij geen steun konden bieden aan de Buitendijkers. De Binnendijkers wilden dit dan ook helemaal niet. Het conflict zorgde er uiteindelijk voor dat de Contributie der Vijfdeelenzeedijken werd opgesplitst.

Allerheiligenvloed 1570

Prent van de Allerheiligenvloed in 1570

Rijkswaterstaat

In de achttiende eeuw werden de Nederlanden geteisterd door overstromingen. Dijken waren vaak verzwakt door slecht onderhoud, maar ook rivieren en kanalen werden slecht onderhouden. Dit kwam doordat gemeentes en waterschappen vaak niet goed samenwerkten. In de Franse Tijd (Bataafse Republiek) werd daarom besloten om het Bureau voor den Waterstaat op te richten. Dit bureau moest toezicht houden op de taken van de waterschappen. Tegenwoordig kennen wij dit instituut als Rijkswaterstaat. In de Grondwet van 1848 werd ook nog eens besloten dat het waterbeheer nu de taak was van waterschappen, en niet meer van gemeenten.

Waterschappen tegenwoordig

Tegenwoordig zijn de primaire taken van een waterschap niet heel anders. Ze houden zich nog steeds bezig met het onderhoud van dijken en polders. Daarnaast zorgen ze ervoor dat rivieren en kanalen niet dichtslibben. Een andere belangrijke taak van waterschappen vandaag de dag is het op peil houden van de waterkwaliteit. Maar ook om te beslissen hoe water wordt verdeeld in een droge periode. Moeten we water dan vooral naar natuurgebieden leiden of naar landbouwgebieden. Ook in de hoger gelegen gebieden zijn waterschappen erg belangrijk, denk bijvoorbeeld aan regenwater wat goed afgewaterd moet worden. Deze vaak al eeuwenoude instituten zijn dus ontzettend belangrijk voor het voort kunnen bestaan van ons waterige landje.

Neem ook eens een kijkje op de projectpagina van de Waterschappen. Misschien zijn er wel projecten bij jou in de buurt waar zij zich mee bezig houden!